Programmeerbare robot: wat is het en hoe werkt het?

Een programmeerbare robot is een industriële manipulator waarvan de bewegingen, snelheden en taken via software instelbaar zijn, zodat één machine flexibel meerdere taken uitvoert. Programmeren gebeurt via teach pendant, tekstuele robotcode of offline simulatie, binnen de veiligheidskaders van ISO 10218.

Kort samengevat

  • Programmeerbaarheid maakt één robot inzetbaar voor lassen, palletiseren, lijmen of assembleren zonder mechanische ombouw.
  • Er zijn drie hoofdmethodes: online (teach pendant), tekstueel/offline en lead-through (handbegeleid).
  • Veiligheid valt onder ISO 10218-1/-2; collaboratieve toepassingen onder ISO/TS 15066.
  • Cyclustijd, herhaalnauwkeurigheid (vaak ±0,02–0,1 mm) en payload bepalen de robotkeuze.

Wat is een programmeerbare robot?

Een programmeerbare robot is een geautomatiseerde manipulator met meerdere assen (meestal 4 tot 7) waarvan de bewegingen en taken door software worden bepaald in plaats van door vaste mechanica. Doordat het bewegingsprogramma aanpasbaar is, kan dezelfde robot na herprogrammering een andere taak uitvoeren, zoals lassen, palletiseren, ontbramen of assembleren. Dit onderscheidt een industrierobot van een enkelvoudige, hardwarematig ingestelde automaat.

Volgens ISO 8373 is een industriële robot een automatisch gestuurde, herprogrammeerbare, multifunctionele manipulator. De term "herprogrammeerbaar" is hier essentieel: de robotbaan is via geheugen wijzigbaar zonder fysieke aanpassing van de machine.

Hoe programmeer je een robot?

Er zijn drie gangbare methodes, vaak gecombineerd toegepast.

Online programmeren (teach pendant)

De operator stuurt de robot handmatig naar posities via een bedienkastje (teach pendant) en legt deze punten vast. Geschikt voor eenvoudige, kleine series. Nadeel: de productie ligt tijdens het teachen stil.

Tekstueel en offline programmeren

Bij tekstueel programmeren wordt code geschreven in de fabrikantstaal, bijvoorbeeld KRL (KUKA), RAPID (ABB), KAREL/TP (FANUC) of URScript (Universal Robots). Offline programmeren (OLP) gebeurt in een 3D-simulatieomgeving zoals RobotStudio of Roboguide, waarna de code naar de fysieke robot wordt geladen. Dit minimaliseert stilstand en is standaard bij complexe baanberekeningen.

Lead-through / handbegeleid

Vooral bij cobots: de gebruiker beweegt de robotarm fysiek door de gewenste posities. Snel en intuïtief, populair voor kleine en middelgrote bedrijven.

Welke parameters bepalen de robotkeuze?

ParameterBetekenisTypische bandbreedte
PayloadMaximaal handling­gewicht incl. grippercirca 3–500 kg
ReikwijdteMaximale horizontale reikcirca 0,5–3,9 m
HerhaalnauwkeurigheidReproduceerbaarheid positie±0,02–0,1 mm
AssenVrijheidsgraden4 (SCARA) tot 7

Bij het bepalen van de payload telt niet alleen het werkstuk mee, maar ook het gereedschap. Voor het inschatten van het gripgewicht van bijvoorbeeld plaatdelen kunt u onze gewichtsberekening gebruiken; voor het bepalen van benodigde krachten bij bewerkingen is de materiaaldatabase nuttig.

Waar worden programmeerbare robots toegepast?

  • Lassen – MIG/MAG- en puntlassen met constante baansnelheid.
  • Handling en palletiseren – laden/lossen van machines en verpakkingslijnen.
  • Assemblage – schroeven, clippen en inpersen met kracht­terugkoppeling.
  • Afwerking – ontbramen, polijsten, lijmen en spuiten.

Welke veiligheidseisen gelden er?

Industriële robots vallen onder ISO 10218-1 (robot) en ISO 10218-2 (robotsysteem en integratie). Voor mens-robotsamenwerking geldt aanvullend ISO/TS 15066, waarin toelaatbare krachten en drukken bij contact zijn vastgelegd. Een risicobeoordeling conform de Machinerichtlijn (2006/42/EG) is verplicht voordat een robotcel in gebruik gaat. Veelgebruikte veiligheidsmaatregelen zijn omhekking, lichtschermen, snelheids- en krachtbegrenzing en veilige stopfuncties (STO/SS1/SS2).

Bij een goede engineering wordt ook de cyclustijd berekend en getoetst aan de gewenste productiecapaciteit. Voor het inschatten van doorlooptijden en materiaalstromen kan een productiecalculator ondersteuning bieden bij de businesscase van een robotinvestering.

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen een programmeerbare robot en een cobot?

Beide zijn programmeerbaar. Een cobot (collaboratieve robot) is echter ontworpen om veilig naast mensen te werken zonder volledige omhekking, met kracht- en snelheidsbegrenzing volgens ISO/TS 15066. Klassieke industrierobots werken meestal in een afgeschermde cel met hogere snelheid en payload.

Welke programmeertaal gebruikt een industrierobot?

Dat verschilt per fabrikant: ABB gebruikt RAPID, KUKA gebruikt KRL, FANUC gebruikt KAREL/TP en Universal Robots gebruikt URScript. Daarnaast zijn er merkonafhankelijke offline-programmeeromgevingen en grafische interfaces voor eenvoudiger teachen.

Kan ik een bestaande robot herprogrammeren voor een nieuwe taak?

Ja, dat is juist de kern van programmeerbaarheid. Vaak volstaat het laden van een nieuw programma en het wisselen van gripper. Wel moet de nieuwe taak binnen de payload, reikwijdte en nauwkeurigheid van de robot vallen, en is een aanvullende risicobeoordeling meestal vereist.

Lees ook

Terug naar home
Programmeerbare robot: definitie en toepassing