Een programmeerbare robot is een herprogrammeerbare, multifunctionele manipulator die via software instructies uitvoert. Volgens ISO 8373 is het een geautomatiseerd, bestuurd, herprogrammeerbaar apparaat met meerdere assen, inzetbaar voor uiteenlopende taken zonder mechanische aanpassing.
Kort samengevat
- ISO 8373 definieert een industriële robot als herprogrammeerbaar en multifunctioneel met minimaal 3 vrijheidsgraden.
- Programmeren kan via teach-in, offline programmering of grafische/hand-guiding methoden (cobots).
- Typische toepassingen: lassen, palletiseren, assembleren, machinebediening en handling.
- Veiligheid valt onder ISO 10218-1/-2 en ISO/TS 15066 voor collaboratieve robots.
Wat is een programmeerbare robot?
Een programmeerbare robot is een machine die taken uitvoert op basis van instructies die softwarematig worden vastgelegd en gewijzigd kunnen worden. Kenmerkend is dat de robot herprogrammeerbaar is: dezelfde hardware kan verschillende taken uitvoeren zonder mechanische ombouw. De internationale norm ISO 8373 definieert een industriële robot als een automatisch bestuurde, herprogrammeerbare, multifunctionele manipulator met minimaal drie programmeerbare assen (vrijheidsgraden).
Onderscheidend ten opzichte van vaste automatisering is de flexibiliteit: een nieuwe productserie vraagt doorgaans alleen een aangepast programma en eventueel een andere gripper of gereedschap, niet een volledig nieuwe machine.
Welke types programmeerbare robots bestaan er?
De keuze hangt af van werkbereik, bewegingsvrijheid en snelheid. De meest voorkomende architecturen:
| Type | Assen / kinematiek | Typische toepassing |
|---|---|---|
| Knikarmrobot (6-assig) | 6 rotatie-assen | Lassen, handling, assemblage |
| SCARA | 3-4 assen | Snel pick-and-place, montage |
| Delta (parallel) | 3-4 assen | Hoge snelheid, lichte producten |
| Cartesiaans / portaal | Lineaire assen (X-Y-Z) | Palletiseren, grote werkgebieden |
| Cobot | 6-7 assen | Samenwerking met mens, kleine series |
Wat is het verschil tussen een industriële robot en een cobot?
Een klassieke industriële robot werkt meestal afgeschermd achter hekwerk of lichtschermen wegens hoge snelheden en krachten. Een collaboratieve robot (cobot) is ontworpen om veilig naast mensen te werken, met kracht- en snelheidsbegrenzing conform ISO/TS 15066. Cobots hebben doorgaans een lager laadvermogen (circa 3-16 kg) en lagere snelheden, maar zijn eenvoudiger te programmeren.
Hoe wordt een programmeerbare robot geprogrammeerd?
Er zijn drie hoofdmethoden, vaak gecombineerd toegepast:
- Teach-in (online programmeren): de operator stuurt de robot met een teach-pendant naar posities en legt deze punten vast. Snel voor eenvoudige taken, maar de robot staat tijdens het programmeren stil.
- Offline programmeren (OLP): paden worden in een 3D-simulatieomgeving gemaakt op basis van CAD-data. De productie loopt door terwijl geprogrammeerd wordt; ideaal voor complexe lasbanen.
- Hand-guiding / grafisch: vooral bij cobots leidt de operator de robotarm fysiek langs de gewenste beweging, of stelt taken samen via icoongebaseerde software.
Robotfabrikanten gebruiken elk een eigen programmeertaal (bijvoorbeeld KRL, RAPID of KAREL), al winnen open standaarden en grafische interfaces terrein.
Waar worden programmeerbare robots toegepast?
De inzet is breed en groeit met de behoefte aan flexibele productie:
- Lassen (MIG/MAG, laser, puntlassen)
- Handling en machinebediening (bijvoorbeeld beladen van CNC-machines)
- Palletiseren en verpakken
- Assemblage en schroeftoepassingen
- Oppervlaktebehandeling: lakken, lijmen, polijsten
Bij het dimensioneren van een robotcel is het laadvermogen cruciaal: het gewicht van werkstuk én gripper moet binnen de payload blijven. Voor een snelle inschatting van productgewichten kun je onze gewicht-rekentool gebruiken, en voor plaatmateriaal de plaatgewicht-calculator. Voor aandrijf- en cyclusberekeningen biedt de rekentools-overzichtspagina verdere ondersteuning.
Welke normen en veiligheidsaspecten gelden?
Naast de definitienorm ISO 8373 zijn de veiligheidsnormen ISO 10218-1 (eisen aan de robot) en ISO 10218-2 (integratie en robotcel) leidend. Voor collaboratieve toepassingen vult ISO/TS 15066 deze aan met grenswaarden voor toelaatbare kracht en druk bij mens-robotcontact. Een risicobeoordeling volgens de Machinerichtlijn is verplicht bij inbedrijfstelling in de EU.
Veelgestelde vragen
Kan elke robot herprogrammeerd worden?
Vrijwel alle industriële robots en cobots zijn herprogrammeerbaar; dat is per definitie hun kenmerk volgens ISO 8373. Alleen vaste, mechanisch ingestelde automatisering valt hier buiten. Wel bepaalt de besturing en programmeertaal hoe eenvoudig herprogrammeren is.
Wat is het typische laadvermogen van een programmeerbare robot?
Dat varieert sterk: cobots liggen vaak tussen circa 3 en 16 kg, terwijl industriële knikarmrobots van enkele kilo's tot meer dan 1.000 kg kunnen tillen. Het gekozen laadvermogen moet zowel het werkstuk als de gripper omvatten.
Hoe lang duurt het om een robot te programmeren?
Een eenvoudige pick-and-place-taak via teach-in kan in enkele uren staan. Complexe lasprogramma's via offline programmering vragen vaak dagen aan simulatie en optimalisatie. Cobots met grafische software verkorten de opstarttijd aanzienlijk.