BRUSSEL – Het was een nacht vol verhitte discussies, geopolitieke touwtrekkerij en diplomatiek masseren, maar na uren onderhandelen zijn de EU-lidstaten het woensdagochtend eens geworden: in 2040 moet de uitstoot van broeikasgassen met 90% omlaag ten opzichte van 1990.
De deal kwam pas na talloze ontsnappingsclausules, “testfases” en slimme uitzonderingen die nodig waren om landen als Polen over de streep te trekken. De onderhandelingen begonnen dinsdagmiddag en eindigden pas in de vroege uren.
Eurocommissaris Wopke Hoekstra, die de onderhandelingen leidde, kon er nog net een grap uitpersen:
“Ik heb ervan genoten. Maar laten we dit niet te vaak doen.”
Klimatempest in Brussel: carbon credits, opschortingen en ruzie over uitzonderingen
Niet het doel zelf, maar vooral de manieren om ervan af te wijken, leidden tot felle strijd tussen de lidstaten. Vooral de inzet van carbon credits – compensatie via klimaatprojecten buiten de EU – bleek een splijtzwam.
De belangrijkste twistpunten:
- Hoekstra wilde maximaal 3% van het doel via buitenlandse projecten halen.
- Frankrijk en Polen wilden minimaal 5%, Polen zelfs 10%.
- Sommige landen eisten dat carbon credits al vanaf 2031 ingezet konden worden, niet pas vanaf 2036 zoals Hoekstra voorstelde.
Het compromis:
Maximaal 5% via carbon credits
Ingangsdatum blijft 2036
Maar er komt wel een testperiode 2031–2035
Bij extreme omstandigheden kan nóg eens 5% extra worden ingezet
Daarnaast wordt de omstreden CO₂-heffing op benzine, diesel en stookkosten met een jaar uitgesteld: niet 2027, maar 2028.
Concurrentiekracht versus klimaat: “We willen niet ons hele bedrijfsleven slopen”
De Europese klimaatdiscussies zijn explosief geworden, vooral door zorgen over industrie, banen en internationale concurrentie.
De Poolse minister Krzysztof Bolesta zei het onomwonden:
“We willen de economie niet kapot maken én het klimaat niet kapot maken. We moeten beide redden.”
Ook demissionair minister Sophie Hermans benadrukte het belang van stabiliteit:
“We moeten ambitie tonen, maar wél flexibel blijven.”
Waarom dit 2040-doel zo belangrijk is
Europa wil in 2050 klimaatneutraal zijn. Tussendoelen zijn nodig om op koers te blijven:
- 2030: 55% minder uitstoot
- 2040: Nu dus -90%
- 2035: Wordt tijdens de klimaattop in Brazilië bepaald
Waar het politiek gevoelig werd:
➡️ Het 2040-doel kon met een ruime meerderheid worden aangenomen
➡️ Maar het 2035-doel, dat Europa meeneemt naar de VN-klimaattop, moet unaniem worden goedgekeurd
Landen die hun zin niet kregen bij 2040, konden dus de 2035-doelstelling gijzelen. Daarom zat er voor iedereen iets in het compromis.
Het akkoord voor 2035 bevat geen getal, maar een range:
66,25% tot 72,5% CO₂-reductie.
VN-rapport: aarde stevent nog steeds af op gevaarlijke opwarming
Intussen publiceerde het VN-milieuprogramma UNEP een alarmerend rapport:
- De aarde warmt deze eeuw waarschijnlijk op met 2,3 tot 2,5 graden
- Dat is minder dan de 2,6–2,8 graden van vorig jaar
- Maar nog steeds ruim boven de afspraak uit Parijs: “ruim onder de 2 graden”
Toch vinden sommige landen dat Europa al ruim genoeg doet. Hongarije’s staatssecretaris Anikó Raisz reageerde scherp:
“We doen meer dan wie dan ook. We hoeven ons nergens voor te schamen.”
Tussen smeltende gletsjers en industriepolitiek zoekt Europa naar evenwicht
De Deense minister Lars Aagaard verwoordde de spagaat waarin Europa zit:
“We voelen allemaal de gevolgen van klimaatverandering. Maar Europa moet óók een plek blijven waar mensen willen wonen en bedrijven willen investeren.”
Conclusie: een akkoord dat meer lijkt op een puzzel dan een plan
De EU heeft een klimaatdoel voor 2040, maar het komt met zóveel uitzonderingen, testfases, noodknoppen en vluchtroutes dat het meer wegheeft van een politiek compromis dan een harde koers richting netto-nul.
Toch heeft Europa hiermee een belangrijk signaal afgegeven richting de klimaattop in Brazilië: ondanks ruzie, druk en economische zorgen blijft de EU één van de meest ambitieuze klimaatblokken ter wereld.
