In veel maakbedrijven wordt risicomanagement nog altijd geassocieerd met verzekeringen. Een polis afsluiten, één keer per jaar controleren of de dekking nog klopt, en dan weer door. Volgens Michel van Hoof, Industry Director voor de maakindustrie bij Ecclesia, is dat beeld inmiddels veel te smal. Want wie risico’s in de maakindustrie echt serieus neemt, moet verder kijken dan premies en voorwaarden. Dan gaat het over continuïteit, kwetsbaarheden in de keten, cyberdreigingen, contracten, personeel en de vraag of een bedrijf na een calamiteit überhaupt nog door kan.
Dat is ook precies hoe Ecclesia zichzelf positioneert: niet als partij die begint bij de polis, maar als businesspartner die samen met een ondernemer in kaart brengt welke risico’s er spelen, welke je kunt voorkomen en welke je eventueel moet overdragen. Verzekeren is in dat verhaal niet het begin, maar juist het eindstuk.
In de maakindustrie komen bijna alle risico’s samen
Waarom richt Ecclesia zich zo nadrukkelijk op de maakindustrie? Volgens Van Hoof omdat in deze sector bijna het hele risicospectrum samenkomt. Waar sommige sectoren vooral één dominant risicotype hebben, zoals aansprakelijkheid of databeveiliging, ziet hij in de maakindustrie een veel bredere stapeling van dreigingen: aansprakelijkheid, brand, transport, cyber, supply chain, bedrijfsschade en personeelsvraagstukken lopen hier allemaal door elkaar.
Juist die combinatie maakt de sector volgens hem complex én kwetsbaar. Een maakbedrijf kan niet zomaar van de ene op de andere dag opnieuw opstarten als er iets misgaat. Bij een brand, een grote storing of een cyberincident ligt niet alleen een kantoor stil, maar vaak ook een volledig productieproces, met machines, voorraden, leveringen en mensen die van elkaar afhankelijk zijn.
Een maakbedrijf herstart niet zomaar na een incident
Dat verschil met andere sectoren komt in het gesprek meerdere keren terug. Van Hoof gebruikt het voorbeeld van een ICT-bedrijf dat na een incident relatief snel weer operationeel kan zijn, desnoods vanuit huis of vanaf een andere locatie. Voor een maakbedrijf ligt dat anders. Daar hangen machines, gebouwen, logistiek en productiecapaciteit direct samen met de bedrijfsvoering. Als die keten onderbroken wordt, is herstel vaak een veel zwaarder traject.
En precies daarom is risicomanagement hier volgens Ecclesia geen administratieve controle, maar een strategische noodzaak.
Risicomanagement begint met een negatief petje
Een opvallend praktisch advies uit het gesprek is dat ondernemers af en toe bewust het “negatieve petje” moeten opzetten. Niet om pessimistisch te worden, maar om een scenario door te denken dat ze normaal liever vermijden. Wat gebeurt er als een cyberincident je productie raakt? Wat gebeurt er als een brand je pand treft? Wat gebeurt er als een recall nodig is of als een grote klant contractueel te veel aansprakelijkheid bij jou neerlegt?
Volgens Van Hoof begint goed risicomanagement precies daar: bij het expliciet maken van wat mis kan gaan, in plaats van stilzwijgend hopen dat het wel losloopt.
Verzekeren is niet de kern, maar het sluitstuk
Ecclesia is duidelijk over zijn werkwijze. Het bedrijf wil niet starten met de vraag welke polis iemand heeft, maar eerst met de vraag wat een onderneming eigenlijk doet, waarom ze dingen doet zoals ze ze doet en waar de kwetsbaarheden zitten. Pas als duidelijk is wat je kunt voorkomen, verminderen of accepteren, komt de vraag in beeld of een deel van het risico ook verzekerd moet worden.
Dat is een wezenlijk andere benadering dan het klassieke polisdenken. Niet eerst afdekken en daarna pas nadenken, maar eerst begrijpen en daarna pas bepalen wat je echt moet verzekeren.
Het echte doel is dat een bedrijf blijft bestaan
Op de vraag of risico’s financieel, juridisch of strategisch zijn, kiest Van Hoof heel duidelijk voor dat laatste. Natuurlijk kunnen de uitkomsten financieel of juridisch worden uitgedrukt, maar uiteindelijk draait het volgens hem om één kernvraag: blijft het bedrijf bestaan na een incident?
Dat maakt ook duidelijk waarom Ecclesia zichzelf businesspartner noemt. Niet omdat dat goed klinkt, maar omdat hun rol verschuift van verzekeringsmakelaar naar mede-risicomanager. Samen met de klant moet worden bepaald welke risico’s er zijn, wat daarvan de impact is en welke maatregelen logisch zijn binnen de context van de onderneming.
Schijnveiligheid ontstaat sneller dan ondernemers denken
Een van de meer ongemakkelijke thema’s in het gesprek is schijnveiligheid. Veel ondernemers denken dat ze hun risico’s op orde hebben omdat er ooit een scan is gedaan, omdat de polis vorig jaar is verlengd of omdat een bepaald onderwerp “al eens bekeken” is. Volgens Van Hoof is dat precies de valkuil. Risicomanagement is geen eenmalige exercitie, maar een continu proces.
Nieuwe contracten, nieuwe markten, veranderende leveranciers, digitalisering, geopolitieke spanningen en cyberdreigingen maken dat een risicoprofiel voortdurend beweegt. Wat twee jaar geleden logisch verzekerd of afgedekt was, hoeft dat vandaag niet meer te zijn.
Contracten zijn een van de plekken waar veel risico’s onzichtbaar binnenkomen
Een concreet voorbeeld van zo’n onderschat risico zit volgens Van Hoof in commerciële contracten. Bedrijven zijn vaak blij dat ze een mooie deal binnenhalen en sturen dan terloops even de voorwaarden door. Ecclesia wil juist op dat moment meekijken. Niet alleen in algemene zin waarschuwen voor te veel aansprakelijkheid, maar daadwerkelijk dat contract zien en beoordelen.
Daar zit veel in verborgen. Want risico’s sluipen in de praktijk niet alleen binnen via brand of schade, maar net zo goed via juridische verplichtingen die ongemerkt groter worden dan de onderneming aankan.
Een polis is nog geen continuïteitsplan
Dat sluit aan bij een bredere boodschap uit het gesprek: een polis hebben is niet hetzelfde als grip hebben. Een verzekering dekt bepaalde risico’s af, maar verandert niet automatisch het gedrag, de paraatheid of de weerbaarheid van een organisatie. Daarvoor moet je je dekking juist voortdurend blijven spiegelen aan de werkelijke risico’s die je loopt.
En precies daar gaat het volgens Ecclesia vaak mis. Bedrijven denken: we hebben dekking, dus het zit goed. Terwijl de werkelijkheid intussen alweer veranderd is.
Risk en benefit horen bij elkaar
Interessant is ook de manier waarop Van Hoof risk en benefit aan elkaar koppelt. Zeker in de maakindustrie, waar kapitaalintensieve omgevingen samenkomen met machineparken, gebouwen en specialistische productie, ligt de focus vaak sterk op de materiële kant. Maar volgens hem is dat te beperkt. Want zonder mensen functioneert er niets. Machines en panden hebben geen waarde als er geen mensen zijn om ze te bedienen, te onderhouden en de processen draaiend te houden.
Daarom moeten personele risico’s volgens hem net zo serieus worden genomen als financiële of materiële risico’s.
Cyber en supply chain maken risicomanagement urgenter dan ooit
De twee grootste marktontwikkelingen die het onderwerp volgens Ecclesia steeds urgenter maken, zijn cyber en supply chain. Cyber staat al jaren hoog op de risicoranglijsten, maar een opvallend groot deel van de bedrijven heeft dat risico nog steeds niet of nauwelijks afgedekt. Tegelijk snapt Van Hoof ook waarom. Veel bedrijven willen eerst hun beveiliging op orde hebben voordat ze naar een verzekering kijken. Dat vindt hij op zich logisch, maar hij pleit er wel voor om parallel na te denken over wat er gebeurt als het tóch misgaat.
Supply chain is de andere grote factor. Veel productie is naar het buitenland verplaatst, ketens zijn langer en afhankelijkheden groter geworden. Daardoor is de kans toegenomen dat een verstoring buiten je eigen zicht direct impact heeft op je leverbetrouwbaarheid en continuïteit.
Ondernemers kennen hun bedrijf goed, maar zien niet altijd alles
Van Hoof nuanceert ook een mogelijk misverstand: het is niet zo dat ondernemers hun bedrijf niet kennen. Integendeel. Veel ondernemers weten heel goed hoe hun bedrijf werkt. Maar juist omdat ze er middenin zitten, missen ze soms de open blik van buitenaf. Daar zit volgens hem de toegevoegde waarde van een externe partner. Niet om het beter te weten, maar om met structuur, afstand en doorvragen zichtbaar te maken wat binnen de dagelijkse routine onopgemerkt blijft.
Dat is volgens Ecclesia ook waarom ondernemers een externe review vaak waarderen. Niet omdat ze niks zien, maar omdat iemand anders helpt om alles weer systematisch langs te lopen.
Het traject begint met een blanco vel
Opvallend in het gesprek is hoe eenvoudig Van Hoof de start van een risicotraject omschrijft. Geen dik model of standaardvragenlijst als beginpunt, maar een blanco vel papier. Vertel maar eens wat je doet. Hoe werkt het bedrijf? Waarom zijn dingen ingericht zoals ze zijn? Wat maakt het spannend? Van daaruit ontstaat een organisch gesprek waarin Ecclesia veel luistert, veel doorvraagt en zo stap voor stap tot een risicoprofiel komt.
Dat risicoprofiel wordt vervolgens samen met de klant besproken, geclassificeerd en gewogen. Niet alleen door te kijken naar kans en gevolg, maar ook door de klant zelf te laten aangeven hoe ernstig hij een bepaald scenario vindt. Zo wordt duidelijk waar iets direct rood kleurt, waar een bedrijf iets nog wel zelf wil dragen en waar aanvullende maatregelen nodig zijn.
Risicomanagement moet integraal onderdeel worden van de bedrijfsvoering
De afsluitende boodschap van Van Hoof is helder: risicomanagement moet geen losse exercitie zijn, maar een integraal onderdeel van het bedrijf. Niet alleen bij een jaarlijkse verzekeringsronde, maar in alles wat een onderneming doet. Dat vraagt niet om permanente angst, maar wel om een organisatie die bewust is van risico’s, weet wat de impact kan zijn en vooraf heeft nagedacht over wat wel, niet of gedeeltelijk gedragen wordt.
Conclusie
Het verhaal van Ecclesia laat zien dat risicomanagement in de maakindustrie veel verder gaat dan dekking en polisvoorwaarden. Volgens Michel van Hoof draait het uiteindelijk om continuïteit: weten wat je risico’s zijn, wat de impact is als ze zich voordoen en welke maatregelen nodig zijn om het bedrijf ook ná een incident overeind te houden.
Daarbij is verzekeren belangrijk, maar nooit het startpunt. Eerst moet een onderneming begrijpen waar de echte kwetsbaarheden zitten — in contracten, in mensen, in cyber, in de supply chain of in de manier waarop risico’s intern worden ingeschat. Pas daarna kun je verantwoord beslissen wat je wilt voorkomen, wat je wilt dragen en wat je wilt overdragen. En precies daar begint volgens Ecclesia modern risicomanagement.
FAQ
Wat doet Ecclesia voor maakbedrijven?
Ecclesia helpt maakbedrijven met risicomanagement, arbeidsvoorwaarden en verzekeringsadvies, met specifieke focus op de brede risico’s binnen de maakindustrie.
Waarom is risicomanagement in de maakindustrie complexer?
Omdat in de maakindustrie veel soorten risico’s samenkomen, zoals brand, cyber, aansprakelijkheid, transport, supply chain en bedrijfsschade.
Waarom is een polis alleen niet genoeg?
Omdat een verzekering alleen bepaalde financiële gevolgen afdekt en geen garantie geeft op grip, continuïteit of een actueel beeld van het risicoprofiel.
Welke risico’s worden vandaag vaak onderschat?
Onder meer cyber, supply chain-verstoringen, contractuele aansprakelijkheid en personele risico’s worden volgens Ecclesia nog vaak niet breed genoeg bekeken.
Wat is volgens Ecclesia de belangrijkste boodschap?
Maak risicomanagement een integraal onderdeel van je bedrijf en denk continu na over wat er kan gebeuren, hoe je dat voorkomt en wat je doet als het toch misgaat.
